innovatie van de publieke informatievoorziening

Moedig voorwaarts op twee sporen

Bron: http://www.pottermore.com/

Bron: http://www.pottermore.com/

Het blijft een mooi verhaal, over J.K. Rowling die niet wilde dat haar nieuwste Harry Potter als e-book zou worden verkocht. Enkele piraten voelden zich daardoor uitgedaagd. Ze maakten een taakverdeling – A legt hoofdstuk 1 onder de scanner, B haalt de OCR-fouten daaruit, C scant hoofdstuk 2, en zo verder, en Z plakt tot slot alles aan elkaar – en stonden bij de start van de verkoop tussen de dreuzels te wachten tot de deur van de boekhandel om middernacht openging. De volgende ochtend, nog voor de schrijfster de eerste nip van haar koffie had kunnen nemen, stond het hele boek proefgelezen en wel gratis op het web.

Het was een wijze les voor Rowling. Of eigenlijk twee. Eén: als mensen op hun manier toegang willen tot content, krijgen ze die ook. Twee: zelfs als een Potterboek gepirateerd wordt, verkoopt het als een tierelier. Toch zijn auteurs en uitgevers nog altijd als de dood, zoals eerder de muziek- en filmbazen, dat met het aanbieden van digitale versies het downloadhek van de dam is. Het geval Rowling en de ontwikkelingen in muziek en film doen anders vermoeden. De werelden zijn flink opgeschud. De verdienmodellen zijn veranderd. Artiesten can cut out the middle men en rechtstreeks met hun fans zaken doen (Rowling verkoopt inmiddels via haar eigen Pottermore.com de Potterserie als e-book en digital audio books). Maar nog altijd hebben we wereldwijd dezelfde machtige muzieklabels en filmstudio’s als voorheen. De laatste cijfers laten bovendien zien dat de omzet in de muziekbusiness weer groeit.

Met het auteursrecht van nu hebben bibliotheken geen enkele onderhandelingskracht

Op de nieuwe tijd toegesneden distributiemodellen in de wereld van het algemene boek introduceren. Dat zouden uitgevers en boekhandelaren moeten doen. Het lijkt erop dat hun dat niet lukt (en Amazon wel). De belangen van uitgevershuizen en boekhandelaren lopen niet parallel en ook tussen grotere en kleinere spelers wringt het. Vrees voor het onbekende is de enige gemeenschappelijke factor.

In zo’n situatie transformeert de status quo in een blok beton. De Europese bibliotheeklobbyorganisatie EBLIDA liep daar onlangs tegenaan. Ze probeerde met de Federation of European Publishers (FEP) een Memorandum of Understanding te bereiken. Het uitgangspunt van EBLIDA was dat openbare bibliotheken uit alle beschikbare e-boektitels tegen redelijke voorwaarden een collectie moeten kunnen samenstellen om die aan hun gebruikers te kunnen uitlenen. Met boeken van papier en inkt gaat dat al jaren goed. Maar de uitgeversfederatie hield in Brussel de deur dicht.

Door deze ervaring wijs geworden sluit de bibliotheekkoepel nu nieuwe allianties, onder andere met consumentenplatforms. Ook acht ze eindelijk de tijd rijp om op Europees niveau actief te gaan lobbyen voor een digitale versie van het leenrecht. Verstandig, want met het auteursrecht van nu hebben bibliotheken geen onderhandelingskracht. Tot het zover is, is het even wijs om op kleine schaal modellen met individuele uitgevers uit te proberen, zoals Bibliotheek.nl en Bibnet.be nu doen. Als deze tweesporenstrategie consequent wordt gevolgd – moedig voorwaarts, op beide sporen tegelijk – lichten in 2020 in vele kinderkamers om klokslag middernacht de tablets op.

Deze column verschijnt in Informatieprofessional, jaargang 17, nummer 5, 2013

Creative Commons License
Moedig voorwaarts op twee sporen is licensed under a Creative Commons Attribution 4.0 International License.

Posted by Frank Huysmans on 30 mei 2013 | Posted in beleid, columns, opinie, vakpublicaties | Tagged , , , , , | Comment

In de rebound: leenrecht niet voor e-books

Zak geld

Vandaag heeft minister van OCW Bussemaker de Tweede Kamer een onderzoeksrapport aangeboden van SEO Economisch Onderzoek en het Instituut voor Informatierecht (IvIR) van mijn geliefde Universiteit van Amsterdam. Daarin wordt nog eens gesteld, maar nu ook echt degelijk onderbouwd, dat het hier te lande geldende auteursrecht geen (lees: GEEN) mogelijkheid biedt om het uitlenen van e-books door openbare bibliotheken onder de leenrecht-exceptie te laten vallen. In gewoon Nederlands: als openbare bibliotheken e-books willen uitlenen, zullen ze, gewapend met een flinke zak geld, met de rechthebbenden om de tafel moeten om zulks ook te mogen (lees: MOGEN). Dit in tegenstelling tot het aanschaffen en uitlenen van tastbare, op papier gedrukte boeken – die mogen ze wel (lees: WEL) zonder toestemming van de rechthebbenden uitlenen, mits ze een billijke vergoeding daarvoor afdragen. De aanbiedingsbrief van Bussemaker vindt u HIERRR, het SEO/IvIR-rapport zelf HIERRR.

Nederland en Europa

De minister schrijft in haar aanbiedingsbrief twee interessante dingen. Voor nationaal gebruik: “Dit betekent dat het uitlenen van e-content door openbare bibliotheken zal moeten plaatsvinden op basis van contractuele afspraken tussen betrokken partijen zoals auteurs, uitgevers, rechtenorganisaties, distributeurs en bibliotheken. Met deze bevindingen en conclusies houd ik rekening bij de aangekondigde bibliotheekwetgeving, die u na de zomer krijgt toegezonden.”
En voor Brussel: “In Europees verband wordt langs verschillende lijnen aandacht gegeven aan de transitie van openbare bibliotheken van fysiek naar digitaal. Waar mogelijk zal ik bepleiten dat daarbij ook het onderwerp ‘e-lending en openbare bibliotheken’ op de agenda komt.”

“Het uitlenen van e-content door openbare bibliotheken zal moeten plaatsvinden op basis van contractuele afspraken tussen betrokken partijen zoals auteurs, uitgevers, rechtenorganisaties, distributeurs en bibliotheken.”

Het is ruim twee jaar geleden dat dit stuk van Christiaan Alberdingk Thijm en mij verscheen in het Financieele Dagblad. Om onze bondscoach te parafraseren: waren wij nu zo snel of zijn anderen nu zo langzaam? Laten we het er op houden dat we een vooruitziende blik hebben gehad. En overigens ben ik van mening dat het Noorse model alle aandacht verdient, niet in het minst op de algemene ledenvergadering van de VOB komende donderdag 28 februari. Echt mensen: maak serieus werk van collectieve afkoop van rechten voor de long tail. Doe het.

Creative Commons License
In de rebound: leenrecht niet voor e-books is licensed under a Creative Commons Attribution 4.0 International License.

Posted by Frank Huysmans on 27 februari 2013 | Posted in beleid, opinie | Tagged , , , | Comment

De piraat is eigenlijk een parasiet


Ik ben een piraat, jij bent een piraat. Hoeveel mensen doen het? E-books downloaden en uitwisselen terwijl dat eigenlijk niet mag? Je kunt het ze vragen. Maar of je dan eerlijk antwoord krijgt? Hoewel, door het precedent van de muziek- en filmuitwisseling via Napster, Kazaa, BitTorrent, LimeWire en Pirate Bay zijn we die gêne misschien wel voorbij.

Een recent onderzoek van het Amsterdamse Instituut voor Informatierecht en het Tilburgse CentERdata naar het downloaden van muziek, films en series, games en boeken schetst een geruststellend beeld. De ruim 2000 Nederlanders vanaf 16 jaar die werden ondervraagd, geven aan dat ze voor al die soorten content veel vaker naar de winkel gaan of downloaden/streamen uit legale bron dan dat ze dat laatste uit illegale bron doen. Slechts 6,3% van onze landgenoten zou wel eens torrentsites afstruinen op zoek naar e-books. Omdat deze mensen in grote meerderheid ook legaal kopen of downloaden, zou het percentage exclusieve e-bookpiraten slechts 0,4% bedragen.

Psssst…! E-bookjes hebben?

Een omissie in dit onderzoek is dat een veelvoorkomende wijze van auteursrechtschending niet is onderzocht: het onderling uitruilen van bestanden op schijfjes en sticks. Eenmaal van een torrentsite geplukt, is een bestand met duizenden boeken in no time onderweg naar familie en vrienden (en vervolgens naar hún familie en vrienden) die zelf niet op het idee zouden komen om op ‘dutch ebooks torrent’ te googelen.
Het beeld is ook in die zin vertekend dat een belangrijk deel van de bevolking geen e-books leest. Een ander recent onderzoek in opdracht van Stichting Marktonderzoek Boekenvak geeft uitgevers en boekverkopers een minder geruststellend beeld. De groep die ‘ten minste soms’ e-books leest, kreeg hier enkele nadere vragen voorgelegd.

Eenmaal van een torrentsite geplukt, is een bestand met duizenden boeken in no time onderweg naar familie en vrienden (en vervolgens naar hún familie en vrienden) die zelf niet op het idee zouden komen om op ‘dutch ebooks torrent’ te googelen.

Van alle mogelijke antwoorden op de vraag hoeveel digitale boeken men per jaar verkrijgt, en hoe, scoorde ‘van iemand gekopieerd/met iemand geruild’ het hoogst. Op twee en drie eindigden het gratis legaal en gratis illegaal downloaden. In deze categorieën gaat het gezamenlijk om zo’n twintig stuks. Daartegenover scoort ‘gekocht bij boekwinkel op internet’ een schamele drie boeken jaarlijks. In overeenstemming hiermee zeggen deze mensen dat, sinds ze zijn begonnen met het lezen van digitale boeken, zij overwegend meer boeken ‘op de een of andere manier in bezit krijgen’ en meer tijd besteden aan lezen, maar dat het aantal (papieren én digitale) boeken dat zij kopen of lenen sindsdien is afgenomen.

Veertienduizend e-pubs

Waarnemers uit de boekenbranche maken zelf geregeld melding van wat zij in hun eigen omgeving zijn tegengekomen. Er circuleert op fysieke dragers een gecombineerd bestand van rechtenvrije én beschermde werken in e-pubformaat dat almaar aangroeit. Het laatste getal dat op Twitter voorbijkwam, was 14.000 titels. Daaronder veel populaire (voormalige) bestsellers van onder meer Appie Baantjer, Dan Brown, Karin Slaughter, Maeve Binchy en Stephen King.
Als piraterij inderdaad zoveel voorkomt, is het verleidelijk om te concluderen dat er niet tegen te vechten valt. Maar de ervaring in de muziek- en filmbranche leert het tegenovergestelde. Daar bleek er wel degelijk een markt te zijn voor betaalde digitale content toen het aanbod er eenmaal was. Lang probeerden de grote platen- en filmmaatschappijen vast te houden aan hun cd’s en dvd’s en de digitale verspreiding met juridische middelen tegen te gaan. Totdat Apple en anderen die digitale verspreiding juist omarmden en consumenten in groten getale bereid bleken ervoor te betalen. Enquêtes laten in meerderheid zien dat dit ook voor e-books zou kunnen gaan gelden. Mits de prijzen dalen en er geen hindernissen in de vorm van digital rights management (DRM) zitten ingebouwd.

Piraten en parasieten

Al met al zijn het revolutionaire tijden voor het boekenvak. In de onderzoeksrapporten klinkt die turbulentie door. Nooit eerder is het intellectuele eigendomsrecht zo eenvoudig en op zo grote schaal ontdoken. Het is echter een misvatting dat piraterij pas met de digitalisering haar intrede in de Republiek der Letteren heeft gedaan. Het is er al zo lang als er gedrukte boeken bestaan. Gutenbergs uitvinding stelde de wereldlijke en kerkelijke machthebbers voor een flinke uitdaging. Met licenties, patenten en registers werd gepoogd het nieuwe ambacht in bestaande beheersstructuren te vangen. Dat lukte heel aardig, maar zeker niet volledig. Zoals Adrian Johns in zijn monumentale cultuurgeschiedenis Piracy laat zien, heeft de piraterij van de twintigste eeuw op radio, televisie, cd’s en dvd’s haar wortels in de vijf eeuwen ervoor. In de vroegmoderne tijd hield men zich aardig aan de ongeschreven regels van het drukkersambacht om een eenmaal door een vakgenoot in de drukkersregisters ingeschreven werk ongemoeid te laten. In meer turbulente tijden, zoals de achttiende eeuw, verspreidde de Verlichting zich massaal via ongeoorloofde herdrukken. Piraterij was er in diverse gedaanten en variërende omvang, maar ze was er altijd.
De figuur van de piraat is er een die zich verzet tegen de heersende orde en zich andermans eigendom wederrechtelijk toe-eigent. De harde kern van de filesharers past zeker binnen deze traditie van burgerlijke ongehoorzaamheid tegen als onrechtmatig ervaren wetten. Toch is er veel voor te zeggen om de meer consumptieve downloaders onder een andere noemer te vangen: die van de parasiet.
De Franse filosoof Michel Serres heeft laten zien hoe in de geschiedenis van de mensheid het parasiteren, het mee-eten, veel gewoner is dan we algemeen aannemen. Een parasiet kan niet zonder een gastheer. Maar de gastheer (of -dame uiteraard) is veel vaker zelf parasiet dan hij (zij) zal willen toegeven. Een auteur, ‘rechthebbende’, parasiteert zelf op de cultuur waaruit hij is voortgekomen. Hij leerde en leende de woorden, de verhalen, de geschiedenis en creëerde daaruit iets nieuws, waarop weer anderen parasiteren door het zich illegaal toe te eigenen en verder te verspreiden. Zo bezien profiteren we allen van de rijk gevulde ruif van onze cultuur. En moeten we piraten en parasieten danken dat ze ons dat blijven voorhouden.

Dit artikel is het zesde in een reeks over auteursrecht en bibliotheken in het digitale tijdperk en verscheen ook in Bibliotheekblad 1, 2013. De eerdere delen stonden in Bibliotheekblad 7 t/m 10 en 12, 2012 en in de rubriek Spotlight op www.bibliotheekblad.nl.

Voor dit artikel is gebruikgemaakt van:
– Adrian Johns (2009), Piracy: the intellectual property wars from Gutenberg to Gates. Chicago/London: University of Chicago Press.
– Instituut voor Informatierecht/CentERdata (2012, 16 oktober). Filesharing 2©12: downloaden in Nederland. Amsterdam: Instituut voor Informatierecht/Tilburg: CentERdata (Geraadpleegd 6 december 2012).
– Michel Serres (1997 [1980]), Le parasite. Paris: Hachette. (Engelse vertaling uit 1982 te lezen op Scribd, geraadpleegd 6 december 2012).
– Stichting Marktonderzoek Boekenvak/GfK (2012, mei). Boekenbranche: kwantitatief onderzoek naar digitale en niet-digitale lezers. (Geraadpleegd 6 december 2012.)

Creative Commons License
De piraat is eigenlijk een parasiet is licensed under a Creative Commons Attribution 4.0 International License.

Posted by Frank Huysmans on 9 januari 2013 | Posted in vakpublicaties, WareKennis | Tagged , , | Comment

%d bloggers liken dit: